“Ik weet nu wat ‘stoep’ betekent”

burennetwerkfoto

Juliet woont sinds mei 2014 in Nederland en wil via vrijwilligerswerk graag beter de taal leren. Ze spreekt één keer per week af met Mevrouw Van De Voort (91), om samen te lopen. Juliet noemt mevrouw Van De Voort altijd mevrouw.

Juliet: “Ik wilde graag in contact komen met andere mensen. Ik woon sinds mei in Nederland en je kring is dan nog vrij klein. Daarnaast ben ik bezig om Nederlands te leren, maar juist door het te gebruiken in het dagelijks leven, leer je het goed. Ik ben via Vrijwilligers Centrale Amsterdam bij Burennetwerk terecht gekomen.”

Contact
Mevrouw Van De Voort: “Ik heb hulp nodig bij het lopen en het leek me leuk om in contact te komen met mensen van een andere cultuur. Toen ik hier ging wonen (Bos en Lommer red.) wist ik dat hier veel mensen uit verschillende culturen wonen. Ik wilde gezellig een praatje maken en bijvoorbeeld recepten uit wisselen, maar veel mensen zijn toch wel erg gesloten. Ik werd door Burennetwerk gebeld en zij vertelde mij over Juliet, want het kan toch best een probleem zijn dat ze weinig Nederlands spreekt. Maar dat leek me juist hartstikke leuk.”

Eerste afspraak
Mevrouw Van De Voort: “Ik weet de eerste keer dat ze belde nog goed. Ze zei: ‘met Juliet from Boerennetwork’ en ik dacht, boerennetwerk? Heb ik me ergens voor ingeschreven? Ik moest direct denken aan koeien en schapen. Toen ze het daarna uitlegde, begreep ik pas dat ze Burennetwerk bedoelde.”

Mevrouw Van De Voort: “We zien elkaar nu al een aantal weken. Soms maken we een wandeling en als het slecht weer is, hebben we lekker een excuus om het een keer niet te doen. We praten ook vaak over recepten of hoe we gerechten klaarmaken. Laatst heeft ze er één voor me opgeschreven.’ Juliet: ‘Soms doen we gewoon alleen een kopje koffie of thee en de ene keer is langer dan de andere keer: soms twintig minuten en soms anderhalf uur. Het is fijn om met iemand te kletsen. Ook al is het kort en lijkt het niet veel, het kan veel met je doen. Ik kijk altijd uit naar deze uitjes.”

Voorzichtig
Juliet: “Ik leer veel van onze afspraken. Het is door mevrouw namelijk verboden om Engels te praten, haha. Tijdens het wandelen praten we en leer ik nieuwe woorden die je in het dagelijks leven kunt gebruiken, maar niet snel uit schoolboeken leert.’
Mevrouw Van De Voort: ‘Klopt. It’s forbidden. Als we bijvoorbeeld wandelen, vertel ik dat als kinderen aan het spelen zijn, je moet zeggen dat ze op de stoep moeten blijven. Nu weet ze dus wat ‘stoep’ is.”

Juliet: “Laatst zwaaide mevrouw me uit na een afspraak. Ze zei: ‘voorzichtig fietsen, hè?’, maar ik wist niet wat ze bedoelde. Toen heeft ze het uitgelegd. Ik doe ook nog één keer in de week boodschappen met een andere mevrouw en die zei het laatst ook. Het is wel leuk om te merken dat ik het al heb geleerd van mevrouw Van De Voort, wanneer een woord weer ergens anders wordt gebruikt.”

Met dank aan Burennetwerk, van wie wij dit interview kregen toegestuurd.